19 Elloel 5779 | 18 september 2019
Artikelen
Jodendom in praktijk     Hasjkafa     Feest- en Gedenkdagen     Samenleving     Geschiedenis     Antisemitisme     IsraĆ«l     Media     Publicisten     
Een beestachtige rabbi
Publicatiedatum: zondag 30 oktober 2011 Auteur: Nechamah Mayer-Hirsch | 1.599 keer gelezen
Nechamah Mayer-Hirsch, Met Wat Joodse Inkt »

Gottfrid van Eck (Verteller)

Er was een een rabbi die Wolf heette. Rabbi Wolf woonde in het land van Uz en was een wijs en rijk man. Zijn wijsheid gaf hij door aan de vele honderden leerlingen, zijn rijkdom deelde hij uit aan de armen. Hij was dan ook geliefd bij iedereen, behalve bij zijn eigen vrouw. Zijn vrouw Chawa kon het niet uitstaan dat haar man zoveel geld weggaf. 'We zullen die rijkdom zelf nodig hebben om te kunnen overleven in hardere tijden', beet ze haar man toe. En als een vrouwtjeswolf haar tanden laat zien, berg je dan maar!

Maar ze kreeg wel een beetje gelijk, want op een dag was rabbi Wolf door al zijn geld heen. Hij kon zijn arme leerlingen en dorpsbewoners niet langer helpen. 'God, wat moet ik nu doen?', bad hij. 'Misschien is het wel mijn verdiende loon, omdat ik nog te weinig heb weggeven. Vergeef me, Heer der Wereld. Ik zal mijn armoede in elk geval als een geschenk uit Uw hand aanvaarden.' Maar armoede was voor zijn vrouw Chawa eerder een geschenk uit de hel dan uit de hemel en ze schold haar man elke dag de huid vol. De buren gingen hem na te wijzen of begonnen smoezen wanneer rabbi Wolf voorbij kwam. Anderen lachten hem achter zijn rug uit en noemden hem schlemiel. Op den duur kon rabbi Wolf deze schande niet langer verdragen.

Op een dag riep rabbi Wolf al zijn leerlingen bij zich in het leerhuis. 'Beste vrienden, ik kan jullie helaas niet langer onderwijzen of onderhouden. Gisteren gaf God me rijkdom, vandaag schenkt hij me armoede. Als armoedzaaier staat mij hier op deze plek alleen nog maar schande en verdriet te wachten en daarom heb ik besloten om de wijde wereld in te trekken. Wie van jullie met mij mee wil reizen, is van harte uitgenodigd. Wie liever thuisblijft, zal me niet minder lief zijn. Ieder mens moet tenslotte zijn eigen weg volgen om zijn bestemming te kunnen vinden.' Hierna dropen zo'n tien leerlingen stilzwijgend af, want zij wilden liever thuis blijven. Maar er bleven nog tien leerlingen over en zij riepen in koor: 'We zullen u volgen, waar u ook heengaat!'

Rabbi Wolf schreef een afscheidsbrief aan zijn vrouw Chawa en ging op pad met de overgebleven leerlingen. Het was 's avonds laat toen ze vertrokken, niemand in het dorp zou hem lastig vallen met moeilijke vragen. Die nacht sliepen ze in het veld onder de blote hemel en er zouden later nog vele van zulke nachten volgen. In het begin werden de zwervende mannen nog wel eens vriendelijk ontvangen door mensen uit de streek, maar op den duur bleven deuren en luiken overal gesloten. Na drie jaar reizen waren hun baarden lang en warrig geworden, hun kleren vuil en vaal, hun laarzen totaal versleten. Kortom: bedelaars om te zien en die was men liever kwijt dan rijk.

'Meester, wat moet er van ons worden? We zien eruit als vuile vagebonden en ongewassen zwervers. We hebben geen geld voor nieuwe kleren en niemand wil ons helpen. Misschien moeten we naar huis terugkeren, wie weet lacht het geluk ons daar weer toe?! Onze dorpsgenoten zullen ons open armen ontvangen.' Rabbi Wolf sputterde niet tegen en begreep zijn leerlingen maar al te goed. 'Jullie hoeven mij niet langer te volgen in mijn armoede, ik ontsla jullie van de gelofte om mij te volgen', sprak rabbi Wolf. 'Ik ga alleen verder. Maar blijf nog een paar dagen bij me, zodat ik nog even van jullie gezelschap kan genieten.' Niemand van de reisgenoten maakte bezwaar, een paar dagen meer of minder maakte niets uit.

1   |   2   |   3   |   4      »      
Copyright © 2011 Jodendom Online
 
 
Contact Zoeken Noachieden Online Beheer
 
Copyright © 2019 Jodendom Online. Alle rechten voorbehouden.