15 Aw 5781 | 23 juli 2021
Nieuws
Jodendom in praktijk     Hasjkafa     Feest- en Gedenkdagen     Samenleving     Geschiedenis     Antisemitisme     IsraĆ«l     Media     Publicisten     
Goldstonerapport is een blamage voor de mensenrechten
Publicatiedatum: maandag 19 oktober 2009 Auteur: De Redactie | 1.455 keer gelezen
IDF, Operation Cast Lead, Verenigde Naties, IsraĆ«lische mensenrechtenorganisatie B'Tselem, Valse beschuldigingen VN/EU/NGO's, Breaking the Silence »

Een intolerabel rapport dat de grondgedachten van de mensenrechten in diskrediet brengt. De kritiek van het Israelische ministerie van Buitenlandse Zaken op het ‘Goldstone rapport' van de Verenigde Naties liegt er niet om. Waarom is dat zo?

Hoewel de Israelische regering én de kritische organisaties B'tselem en Breaking the Silence het Goldstonerapport eenzijdig tegen Israel gericht vinden, heeft de VN Mensenrechtenraad vrijdag 16 oktober in Geneve een resolutie aangenomen die de Veiligheidsraad inschakelt. Individuele Israeli's en Palestijnen zullen voor het Internationaal Strafhof worden gedaagd als de VN onderzoeken van Israel en Hamas 'niet geloofwaardig' vinden. Er waren 25 stemmen voor, 11 onthoudingen en 6 tegenstemmers, waaronder Nederland, de VS en Italië.

Het op 23 september gepubliceerde VN rapport is een reactie op Israel's militaire operatie ‘Cast Lead' in de Gaza-strook tussen 27 december 2008 en 18 januari 2009. Israel verleende geen medewerking aan het rapport, omdat dit land het oneens was met het mandaat dat de VN aan de Zuid-Afrikaanse rechter hadden gegeven. Het rapport komt tot de conclusie dat Israel en Hamas zich hebben schuldig gemaakt aan oorlogsmisdaden. Israel zou een "bewuste strategie" hebben uitgevoerd om de bevolking collectief te straffen en zou ook disproportioneel geweld hebben gebruikt. 

Het Israelische ministerie van Buitenlandse Zaken uitte op een persconferentie van 1 oktober fikse kritiek op de Goldstone-missie: de uitkomst van het rapport stond voor de VN al van tevoren vast en het rapport ondermijnt de strijd tegen terrorisme van elke welwillende democratische staat. De Israelische kritiek betreft zowel de intenties en de opzet van de missie, als de inhoudelijke argumentatie van het rapport.
Al op 16 september uitte minister Verhagen van Buitenlandse Zaken kritiek op de eenzijdigheid en werkwijze van Goldstone. In een bericht van het ANP noemde hij het "buitengewoon jammer" dat het rapport "weinig concrete voorstellen over Hamas" doet en beschreef hij de stap van Goldstone naar de Veiligheidsraad zonder instemming van de Mensenrechtenraad als "niet correct". Inmiddels heeft de Mensenrechtenraad er dus over gestemd.

Nederland is vice-voorzitter van de Mensenrechtenraad en stemde eerder al tegen de opdracht van de Goldstone missie omdat ze die te eenzijdig vond. VS vice-Ambassadeur bij de VN Alejandro Wolff reageerde op de zitting van de Veiligheidsraad over Goldstone 15 oktober: "Washington heeft ernstige zorgen om dit rapport", het heeft een "ongebalanceerde focus op Israel". Wolff: "Israel heeft de instituties en de mogelijkheid om serieuze onderzoeken naar deze beschuldigingen uit te voeren en wij moedigen dat aan."

Drie hoofdpunten van kritiek
De Israelische regering bestrijdt de bevindingen van het rapport op drie hoofdpunten: ten eerste in de intenties die Goldstone Israel toedicht. Dat maakt het rapport tot in de kern onheus, vindt Israel: want de bedoeling van 'Cast Lead' was zelfverdediging. Het was een respons op de 12000 Hamas raketten op Sderot en een antwoord op de wapensmokkel door tunnels onder de Egyptisch-Gazaanse grens. Goldstone negeert dit en doet voorkomen alsof het doel van Israel was om disproportioneel Palestijnse burgers te treffen.

Mensenrechtenorganisaties
Deze suggestie van Goldstone vindt ook geen genade bij Israelische mensenrechtenorganisaties. Desgevraagd verklaarde Breaking The Silence-directeur Yehuda Shaul aan CIDI het op dit punt met Goldstone oneens te zijn. Shaul, die eerder ophef veroorzaakte wegens zijn kritiek op Cast Lead, stelt dat het Israelische leger tijdens de operatie anders dan gebruikelijk handelde, omdat de nadruk lag op het veilig stellen van de soldaten. Maar dat betekent geenszins dat Israel bewust Palestijnse burgers als doelwit koos. Ook mensenrechtenorganisatie B'tselem beaamt dit. B'tselem is kritisch tegenover de conclusies en werkwijze van Goldstone en de houding van de VN Mensenrechtenraad: het Goldstone-rapport is "aanvechtbaar" en vergist zich volgens B'tselem bij sommige van de zwaarste beschuldigingen tegen Israel, en in de "zwakke, twijfelende manier waarop het rapport Hamas'strategie beschrijft om burgers te gebruiken". Beide organisaties pleiten voor een intern Israelisch onderzoek.
In het meer dan 500 pagina's tellende rapport, komen de echte redenen voor Israel's offensief namelijk het recht op zelfverdediging tegen voortdurende raketbeschietingen op burgers en verdediging tegen wapensmokkel niet aan de orde.

Rechtsorde
Ten tweede kritiseert het rapport ten onrechte het Israelische rechtssysteem, en inherent daarmee ook van vergelijkbare rechtssystemen in Westerse landen. Het Internationaal Strafhof komt immers uitsluitend in actie als het nationale juridische apparaat niet kan of wil rechtspreken. Het rapport bagatelliseert de lopende onderzoeken van het leger naar de Gaza oorlog. Internationaal bestaat er onder rechtsgeleerden veel vertrouwen in het Israelische rechtssysteem en met name van het Israelische Hooggerechtshof. Met dit rapport wordt niet alleen het Israelische recht maar ook de rechtsgang wereldwijd in twijfel getrokken. De aanbeveling van Goldstone aan de Veiligheidsraad om het Internationale Strafhof tegen mogelijke oorlogsmisdaden te laten optreden veroorzaakt in Israel grote verontwaardiging.

Eenzijdigheid
De derde misser begaat het rapport in aanbevelingen, die volgens Israel ‘ongekend eenzijdig en verstrekkend' zijn. Dat uit zich bijvoorbeeld in de aanbeveling tot een moratorium op het gebruik van bepaalde wapens door Israel maar niet door Hamas.

‘Israel mag zichzelf niet tegen aanvallen verdedigen en terrorisme wordt beloond', aldus directeur-generaal van het Israelische ministerie van Buitenlandse Zaken en voormalig Ambassadeur in Nederland Yossi Gal: "Het rapport (...) brengt de situatie op een nieuw niveau van hypocrisie met mogelijke verstrekkende gevolgen".

Vooringenomenheid
Niet alleen de inhoud van het rapport is problematisch, maar ook de opdracht voor het onderzoek zelf. Die opdracht was:

"Het onderzoeken van alle schendingen van internationale mensenrechten en internationaal humanitair recht door de bezettende Macht, Israel, tegen het Palestijnse volk door het gehele Bezette Palestijnse Gebied heen, met name in de bezette Gaza-strook in verband met de huidige agressie."

Daarmee voldoet de onderzoeksopdracht van de Goldstone Missie niet aan de gedragscode voor Mensenrechten en Fact Finding missies van de International Bar Association, die op de VN website te lezen zijn.
Een voorbeeld van vooringenomenheid is de deelname aan de missie van Christine Chinkin, Professor Internationaal Recht aan de London School of Economics and Political Science. Zij maakte eerder deel uit van de UN Fact Finding Mission naar Beit Hanoun (2008). Lang voor het onderzoek van de missie, op 11 januari 2009, ondertekende zij een open brief aan de Engelse krant The Sunday Times, waarin ze schreef: "Israel's acties geven blijk van agressie, niet van zelfverdediging."

Daarnaast heeft de Goldstone commissie een selectieve keuze gemaakt in de te onderzoeken incidenten: de bewering dat Hamas zijn hoofdkwartier in het Shifa ziekenhuis plaatste, werd niet onderzocht, evenmin als het gebruik van Moskeeën voor terroristische activiteiten - terwijl zelfs Palestijnse websites daarover berichtten.

Mensenrechtenraad
De politieke vooringenomenheid staat niet op zich maar is inherent aan de VN-Mensenrechtenraad. De huidige Goldstone-missie werd in het leven geroepen door een motie van raadsleden die politiek tegenover Israel staan: Saudi-Arabië (namens de Arabische en Afrikaanse landengroep), Pakistan (namens de Organisatie van de Islamitische Conferentie) en Cuba. Terwijl geen Westers land de motie steunde.
Extra pijnlijk is daarbij dat de VN tegen de 12000 aanvallen van Hamas tegen Israelische burgers, vanuit Palestijns bevolkt gebied, sinds 2001 geen enkele motie hebben vervaardigd.

Overigens bestaat er alle reden de Mensenrechtenraad in Geneve te wantrouwen. De Raad heeft in de drie jaar dat ze bestaat negen speciale zittingen gehad om specifieke landen te bespreken. Van de negen waren vijf gewijd aan Israel, en vier aan andere landen. De Raad stelde 25 resoluties op tegen Israel - meer dan alle resoluties tegen andere landen gecombineerd. Ironisch genoeg werd de Mensenrechtenraad juist door de VN in het leven geroepen ter vervanging van het Mensenrechtencommittee. Vanwege het grote aantal lidstaten waarin mensenrechtenschendingen werden gepleegd, was het committee gepolitiseerd en vleugellam.
Via de Mensenrechtenraad pogen de anti-Israel landen al geruime tijd om de rechtsorganen van de VN en rechtsorganen wereldwijd een anti-Israel politiek te laten bedrijven.  

Discussie
Volgens juridisch adviseur van het Israelische Ministerie van Buitenlandse Zaken Daniel Taub, wordt elke redelijke discussie over Cast Lead door het Goldstone-rapport onmogelijk gemaakt: "Wij noch het leger denken doorgaans dat we alle juiste antwoorden in pacht hebben. Maar tenminste stellen we de juiste vragen. De vraag of een aanval of operatie meer humaan had kunnen zijn, effectiever, is een serieus debat dat we moeten aangaan, ook samen met de internationale gemeenschap. Een rapport echter, dat stelt dat Israel's fundamentele doel was om de burgerbevolking massaal te straffen, laat geen ruimte voor zulke debatten."

Binnen de Israelische regering en binnen de Israelische samenleving wordt gedebatteerd over de wenselijkheid van een interne onderzoekscommissie. Die onderzoekscommissie zou een breder mandaat moeten krijgen, dan de verschillende individuele onderzoeken die het leger is gestart naar mogelijk wangedrag van militairen. De collectieve verontwaardiging over het Goldstone-rapport doet de bereidheid tot een interne onderzoekscommissie echter afnemen.
Vooralsnog stelt de Israelische regering zich op het standpunt dat er geen interne onderzoekscommissie komt.

CIDI vindt dat laatste onverstandig. Israel is een rechtstaat die heel goed in staat is zijn eigen beleid te onderzoeken en daaruit de consequenties te trekken. Dat gebeurde al eerder, bijvoorbeeld bij de Kahancomissie die de Isrealische inval in Libanon in 1982 onderzocht.

CIDI wijst het mandaat, de werkwijze en een aantal conclusies van het Goldstone rapport af. Maar dat is niet alles. De Israelische operatie in Gaza heeft relatief veel Palestijnse burgers het leven gekost. Een interne onderzoekscommissie zou moeten nagaan of het Israelische leger disproportioneel geweld heeft gebruikt en hoe het in de toekomst te voorkomen is dat zoveel burgers het slachtoffer worden van een rechtmatige daad van zelfverdediging.

Copyright © 2009 Jodendom Online
 
 
Contact Zoeken Noachieden Online Beheer
 
Copyright © 2021 Jodendom Online. Alle rechten voorbehouden.