25 Aw 5781 | 03 augustus 2021
Parasja
Bereesjiet/ Genesis     Sjemot/ Exodus     Wajjikra/ Leviticus     Bamidbar/ Numeri     Dewariem/ Deuteronomium     Combinaties     Feestdagen     
Parasja / Tetsawee / Commentaar Overzicht | Inzicht | Haftara | Commentaar
Sjemot/ Exodus 27:20-30:10 | door: Joel Nesanel von Schukkmann en Devorah
De oeriem en toemiem [urim en tumim]
De Urim en Tumim waren twee inscripties van de heilig naam. Toen Moshe rabbeinu in de hemel was om de Torah te bestuderen, liet Hashem aan hem het geheim zien hoe hij de urim en tumim kon maken. Alleen Moshe – aan wie het geheim was onthuld – wist hoe dit te maken, en hij plaatste ze in het borstplaat. Daarom is er ook nergens geschreven dat iemand moest helpen met het maken van de urim en tumim noch waren er enige instructies over hoe het te maken.

Op de 12 stenen van het borstplaat waren verschillende dingen geschreven zoals de namen van de stammen en de namen van onze voorvaderen, Avraham, Yitzchak en Yaakov. Op elke steen waren zes letters, inclusief de naam van de stam, dus 72 letters in totaal.

Wanneer er een vraag werd gesteld, mediteerde de Koheen Gadol op de Heilige Naam van de urim. Dit zorgde er op een gegeven moment voor dat de letters op het borstplaat begonnen te gloeien/licht te geven. Deze letters spelden dan een antwoord op de vraag. Maar, omdat deze letters niet in een specifieke volgorde waren gespeld, moest de Koheen gadol eerst weer ‘mediteren’ en zich richten op G-ds Heilige naam. Dan werd er aan hem de Ruach Hakodesh – heilige geest/inspiratie gegeven om de juiste volgorde voor het antwoord te krijgen.
[Ruach Hakodesh is een bepaald niveau van profetie, lager dan wat we ‘nevua’ noemen.]

‘Oeriem komt van het woordje or, wat licht betekent, omdat de individuele letters van de stamnamen op de stenen van de chosen zouden oplichten (RaMBaN; zie afbeelding).

Toemiem komt van van het woord tamiem, wat volledigheid betekent. Wanneer je de oplichtende letters volgende de goede volledige volgorde zou lezen, dan kreeg je de waarheid als antwoord, zoals de eerder genoemde reden twee waarom Aharon de chosjen moest dragen (Rasji).
RaMBaN geeft een praktijkvoorbeeld hoe dit in zijn werk ging. Toen Bnej Jisrael de Jordaan overstak om het Land te veroveren, rees de vraag op welke stam de oorlog tegen de Kena’ieten moest beginnen. Pineas, de Kohen Hagadol, ging de Misjkan binnen en legde de vraag aan Hasjem neer. De naam Jehoedah lichtte op, maar ook de letters Joed-Ajin-Lamed-He. De Kohen moest vervolgens weten hoe die combinatie van de letters moesten zijn, omdat er meerdere mogelijkheden bestaan om verschillende woorden van dezelfde letters te vormen.

De Roeach Hakodesj gaf Pineas de inzichten en de boodschap van de ‘Oeriem en toemiem was: jehoedah ja’aleh… Jehoedah zal voorgaan (Richteren 1:1-2).
Wilno van Gaon geeft het klassieke voorbeeld hoe het vreselijk mis kan gaan: de moeder van profeet Sjmoe'el/Samuël (1 Sam. 1 en 2) - Channa - was een rechtvaardige vrouw die met Elkanah, een vooraanstaande man in diens regio, getrouwd was. Helaas waren zij kinderloos. Verontrust en verlangend naar een kindje ging Channa naar de Misjkan in Shiloh om voor een kindje te dawnen. ‘Wechanna hie' medaberet ‘al-libah raq sefatejha na'ot weqolah lo'jisjamea'... Channa sprak vanuit haar hart, alleen haar lippen bewogen, maar haar stem werd niet gehoord (1:13)..., waardoor Eli Kohen Hagadol middel de ‘Oeriem en de Toemiem Hasjem om advies vroeg. De letters Sjin-Chaf-Reesh-He lichtten op, maar hij misinterpreteerde het met het woordje “sjichorah, wat “een dronken vrouw” betekent, in plaats van ksjarah: “waardige vrouw”.

Josiah hamelech had tijdens de roerige tijden van de Eerste Bejt Hamiqdasj-periode het vermoeden dat Erets Jisrael door de vijand veroverd zou worden. Om te voorkomen dat de ‘Oeriem en Toemiem, de zalvingsolie én de Aron in verkeerde handen zou komen, heeft hij de ‘Oeriem en Toemiem uit de chosjen gehaald en samen met de Aron en de Loechot (Stenen Tafelen) verstopt (tot op de dag van vandaag). Tijdens de tweede Bejt Hamiqdasj-periode mistten het volk deze attributen en dat is een reden waarom de Sjechinah niet op de tweede Bejt Hamiqdasj rustte waardoor de tweede Bejt Hamiqdasj de status van heiligheid van de eerste niet kende. Hierdoor was de Kohen Hagadol ook zeker niet in staat de antwoorden van Hasjem op de urgente vragen van Bnej Jisrael te ontvangen.

pagina 8 / 9 [1]      «      5   |   6   |   7   |   8   |   9      »      [9]
 
 
Contact Zoeken Noachieden Online Beheer
 
Copyright © 2021 Jodendom Online. Alle rechten voorbehouden.