18 Tisjri 5782 | 23 september 2021
Artikelen
Jodendom in praktijk     Hasjkafa     Feest- en Gedenkdagen     Samenleving     Geschiedenis     Antisemitisme     IsraĆ«l     Media     Publicisten     
Het reukwerk altaar
Publicatiedatum: woensdag 20 februari 2013 Auteur: Dayan mr. drs. R. Evers | 1.266 keer gelezen
Opperrabbijn R. Evers, De Misjkan en de Bejt Hamiqdasj , Offers [karbonot] »

‘En maak een altaar om daarop reukwerk te brengen’ (30:1). Er waren twee altaren. Het ene verzoende voor het lichamelijke deel van de mens, wanneer het gezondigd had. Op dat buitenste altaar werden dieroffers gebracht die in plaats van de mens kwamen. Dieren lijken een beetje op de mens en kunnen verzoening voor hem brengen. Het altaar lijkt een beetje op de lichamelijke bouw van de mens. De gemiddelde mens is 3 el lang, gelijk de hoogte van het eigenlijke altaar.

De dieren die geofferd worden lijken op de dierlijke ziel van de mens en worden in plaats van de dierlijke mensenziel geofferd. Daarom staat er ook in de Tora: ’Een ziel wanneer die een offer brengt’ (Vajikra 2:1).

Kappara voor de nesjama
Toch heeft ook de Nesjama Kappara (verzoening) nodig. De ziel ondergaat de invloeden van het lichaam, maar kan geen verzoening krijgen door het brengen van een dieroffer omdat ze daar totaal niet op lijkt. De geest van de mens stijgt naar boven en de geest van het dier daalt af (Prediker 3:21).

Hoe kan een dier, dat maar tijdelijk leeft, verzoening brengen voor een mensenziel die eeuwig blijft bestaan? Daarom heeft G’d opgedragen nog een apart altaar te maken om daar reukwerk op te brengen, die een heerlijke geur verspreidt om Kappara te geven voor de ziel van de mens die naar boven stijgt als rook van het reukwerk.
De ziel groeit van goede daden gelijk het reukwerk uit heerlijke geuren opsteeg. Het reukwerk moest heel fijn gemalen worden, gelijk de Nesjama (ziel) heel subtiel is en ook Kappara nodig heeft om terug te keren naar haar plaats van Oorsprong.

Geen gebroken maten
Het aantal ellen van dit altaar spreekt boekdelen: het moest één el lang zijn, één el breed en twee ellen hoog. Dit waren geen gebroken maten (bijvoorbeeld 1 ½ ) maar hele maten wat symbool staat voor de heelheid van de ziel, gelijk G’ds Eenheid volledig is.
Twee el hoogte duidt op de hogere ambities van de ziel. Zij zit in het lichaam, maar reikt tevens hoger.
Het rookwerk werd ’s ochtends en ‘s avonds gebracht, want de Nesjama komt `in de ochtend’ bij de mens, de jeugd wanneer het lichaam bloeit. ’s Avonds gaat ze terug naar haar Vader, wanneer de mens overlijdt.

Ochtend en avond
Het reukwerk werd ’s ochtends gebracht, bij het schoonmaken van de Menora en ’s avonds wanneer de lichten ontstoken werden. Dit symboliseert wat er iedere dag gebeurt: we krijgen onze ziel ’s ochtends fris terug en moeten de Menora schoonmaken, onze daden richten op spiritualiteit en iedere aantasting door onzuivere motieven wegpoetsen.

’s Avonds, wanneer de ziel naar boven vertrekt, geeft het reukwerk Kappara over de Nesjama zodat ze als het ware ongeschonden en verzoend naar boven kan terugkeren.

De gouden kroonrand rond het altaar duidt op de beloning van de Tsaddikiem in de wereld die komen gaat. Zij zullen genieten van de uitstraling van de G’ddelijkheid met de kronen op hun hoofd. Deze kronen waren de `voelhoorns’ die zij verworven hebben op de berg Sinaï toen de Joden uitriepen: ’Wij zullen doen en wij zullen pas later begrijpen’ (Sjabbat 88a).

Sieraden (voelhoorns)
De Talmoed vertelt dat de Joden na de Openbaring op de berg Sinaï al snel deze sieraden (voelhoorns) verloren toen zij het gouden kalf maakten maar de Talmoed (Berachot 17a) geeft aan, dat G’d ze in de toekomst zal teruggeven.

Daarom staat hier (30:6) dat het rookwerkaltaar geplaatst moet worden voor de Parochet, die voor de Heilige Arke hangt, voor de Kapporet (deksel), die op de getuigenis ligt, d.w.z. precies tegenover de Heilige Arke aan de buitenkant, hetgeen ons leert dat de kroon van het rookwerkaltaar een hint is voor de kronen waarmee de Tsaddikiem de G’ddelijke uitstraling zullen opvangen. Deze G’ddelijke uitstraling in de Hemel was de bron van de G’ddelijke uitstraling die men hier op aarde opving bij Matan Tora.

©Dayan mr. drs. R. Evers 2013

Copyright © 2013 Jodendom Online
 
 
Contact Zoeken Noachieden Online Beheer
 
Copyright © 2021 Jodendom Online. Alle rechten voorbehouden.