18 Aw 5781 | 27 juli 2021
Artikelen
Jodendom in praktijk     Hasjkafa     Feest- en Gedenkdagen     Samenleving     Geschiedenis     Antisemitisme     IsraĆ«l     Media     Publicisten     
Choeppa: het Joodse Huwelijk
Publicatiedatum: dinsdag 16 april 2013 Auteur: Dayan mr. drs. R. Evers | 3.997 keer gelezen
Opperrabbijn R. Evers, Huwelijk »

In Acharee Mot worden verschillende huwelijksbeletselen besproken. Ook in Kedosjiem komen verboden relaties aan de orde. Bovendien verwijst de naam van de parsja kedosjiem – heiligen (zullen jullie zijn) naar het huwelijk: kiddoesjien – heiliging.

Familie centraal
In de geschiedenis van het Joodse volk was het juist de familie en niet de synagoge die beschouwd werd als de fundamentele eenheid in het Joodse leven. De meest cruciale ervaringen in het Joodse leven worden opgedaan binnen het gezin. De synagoge speelt slechts een tweede viool. Daarom wordt het huwelijk niet overgelaten aan de vrije keus van ieder individu. Het huwelijk is verplicht en de Talmoed (B.T. Sjabbat 31a) stelt, dat in de toekomstige wereld de eerste drie vragen men de mens zal stellen luiden: “Heb je oprecht en eerlijk gehandeld? Heb je tijd vrij gemaakt om Tora te leren? Heb je een gezin gesticht?”.

Volgens de Tora is het huwelijk niet alleen op het lichamelijke gericht. Het betekent, dat twee mensen een relatie zo succesvol weten op te bouwen, dat zij als één denken en handelen en als één hun leven willen delen en samenkomen om kinderen op de wereld voor te bereiden. De relatie tussen man en vrouw is uniek. Alleen dit partnerschap draagt het potentieel in zich van creatie, het scheppen van nieuw leven, één van de unieke kwaliteiten van G’d zelf. Hoe complexer de vorm van leven, hoe meer noodzakelijk, duurzaam en intens de relatie, die zich ontwikkelt tussen ouder en kind. Omdat dieren hun kinderen weinig te leren hebben, geen traditie hebben door te geven, is er ook geen behoefte om hun kinderen op te voeden. Er bestaat geen behoefte aan een gezinsleven, want er zijn geen tradities, geen relaties, geen discipline, geen doel en geen idealen. Het mensenkind is juist zo hulpeloos omdat het zoveel te leren heeft. Tradities, idealen en doelen. Daarom spelen de ouders zo een ontzettend belangrijke rol in het leren, inspireren en motiveren. De Tora beschrijft de mens als een sprekend wezen en daarin komt het uitzonderlijke van de mens tot uiting. Het spraakvermogen stelt de mens in staat te communiceren om zijn spirituele potentieel te ontwikkelen. Het huwelijk is een samenspraak. Bij de schepping van de mens zag G’d, dat het niet goed is, dat de mens alleen leeft. De mens moet een partner vinden met wie hij in samenspraak het humane en religieuze goed kan proberen te bereiken.

Discipline en verheffing
Problemen van ongelukkige huwelijken staan tegenwoordig in het middelpunt van de belangstelling. De gevolgen van slechte huwelijken zijn niet te overzien. De Tora is onze levenswet en het zou wel heel oppervlakkig zijn als wij zouden moeten stellen, dat er voor deze levensvragen binnen het Jodendom geen plaats zou zijn. De Joodse Leer is geen levenswet meer als zij niet alles wat met huwelijk en gezin te maken heeft zou regelen en disciplineren, verheffen boven het dierlijke tot op een heilig niveau. De symboliek van het Joodse huwelijk ondersteunt beide pijlers van de Joodse moraal: zelfbeheersing en verheffing. Elk huwelijk wordt binnen de gemeenschap gesloten tegenover twee getuigen, die de Joodse gemeenschap vertegenwoordigen. Het huwelijk is een volksaangelegenheid omdat het voortbestaan van het Joodse volk hiervan afhankelijk is. In het parallelle denken van het Jodendom symboliseert het huwelijk hier op aarde ook de relatie tussen G’d en de mens.

De ring
Voor het Joodse huwelijk is een ring absoluut onontbeerlijk. De ring moet eigendom zijn van de bruidegom en onvoorwaardelijk worden overgedragen aan de bruid. Zonder ring is er geen geldige choepa. Volgens een oude Joodse traditie mag men echter in plaats van de ring ook elk ander object met waarde gebruiken voor het sluiten van een huwelijk. Toen het Joodse volk G’ds volk werd, waren zij vergelijkbaar met bruid en bruidegom. Vandaar dat we zien dat voordat de Israëlieten Egypte verlieten, G’d hen alle rijkdom van Egypte schonk ter inzegening van de verbintenis tussen Hem en het Joodse volk (Sjemot 12: 36). Evenals een bruid, werd het Joodse volk niet ‘gekocht’ door G’d maar bewerkstelligde de overdracht van de geldswaarde een statusverandering in het Uitverkoren Volk.

Waarom dan toch een ring tegenwoordig? Er schijnen bewijzen te zijn dat reeds in de tijd van de profeet Nechemia getrouwd werd met een ring (7:46). Men stelt wel dat de Tora zelf vergeleken wordt met een trouwring, waarmee G’d Israël aan zich verbond. De Openbaring op de berg Sinaï wordt gezien als een “huwelijk”. Net zoals de Tora zonder einde is – want zodra men klaar is moet men opnieuw beginnen – zo ook is de ring zonder begin of einde. Vandaar dat men bij voorkeur een ring gebruikt bij het aangaan van een relatie, die voor eeuwig bedoeld is.

Niet gegraveerd of met diamant
De reden voor het gebruik van de ring lijkt simpel; de vrouw kan deze altijd meedragen en tonen dat ze getrouwd is. Maar er is meer. Een ring vormt ook een schakel in een ketting; door te trouwen worden man en vrouw een schakel in de keten van de generaties, die het begin van de Schepping met de tijd van de Masjie’ach verbindt. Maar de overhandiging van de ring is ook het overdragen van zeggenschap; toen Farao Joseef aanstelde, gaf hij hem een ring (Bereesjiet 41:42). Hiermee bevestigt de man dat zijn vrouw zijn huishouden vanaf nu bestuurt. Vanaf dit moment wordt hun leven gedeeld. Tenslotte symboliseert de ring bescherming. Gelijk de ring de vinger omgeeft staat de man als een beschermende muur rond zijn vrouw.

De ring moet van eenvoudig edelmetaal zijn, niet gegraveerd, niet versierd of bezet met diamanten of edelstenen. De vrouw moet de waarde van de ring zelf kunnen inschatten. Zodra de ring bewerkt is, is dat niet meer zo eenvoudig. Vandaar dat men het tegenwoordig houdt op een onbewerkte ring onder de choepa.

De Talliet
Voor de choepa koopt de bruid voor haar bruidegom een Talliet, een gebedskleed. Volgens de Talmoed beschermt de Talliet de man tegen verleidingen van buiten (B.T. Berachot 12b). Zo staat het ook in de Tora, ‘je zult naar de Tsietsiet (schouw-draden) kijken en niet verleid worden’ (Bemidbar 15:39). De Talliet symboliseert echter ook een innige verbondenheid tussen bruid en bruidegom. Aan elke hoek van de Talliet hangen namelijk acht draden. In het totaal zijn dat 32 draden, hetgeen in getallenwaarde het woord leev (hart) vormt. Door een Talliet te zenden aan haar echtgenoot toont de bruid dat zij haar hele hart aan hem ‘overgeeft’. In verschillende kringen is het voor de chatan (bruidegom) gebruikelijk om de Talliet onder de choepa te dragen, maar in andere kringen wordt de Talliet over het hoofd van zowel bruid als bruidegom uitgespreid gedurende de huwelijksplechtigheid.

De trouwjurk
Het is belangrijk dat de bruid, evenals de bruidegom onder de choepa stráált. Traditioneel zijn de bruidsjurken wit, hetgeen geen Joods symbool van maagdelijkheid is. Het is eerder een teken van zuiverheid van geest. Een oude traditie stelt, dat op de huwelijksdag alle zonden van bruid en bruidegom vergeven worden. Het allerbelangrijkste bij een bruidsjurk is dat het voldoet aan de regels van de ingetogenheid. Dit betekent dat de mouwen tot over de elleboog en de rok tot over de knieën moet vallen en er geen decolleté in uitgesneden mag zijn. Het is een goede gewoonte om de bruidsjurk na de choepa weg te schenken aan arme meisjes. In een grotere Joodse gemeenschap is er zelfs een gemach, een instituut dat er voor zorgt dat iedereen gebruik kan maken van de overbodig geworden bruidstoiletjes.

In vele kringen is het gebruikelijk dat de bruid en bruidegom elkaar één week voor de choepa niet zien. In andere kringen ziet men elkaar één dag van te voren niet.

De aufruf
Op de Sjabbat voor het trouwen, wordt de bruidegom opgeroepen voor de Tora, omdat na een huwelijk de commitment voor de Tora groter wordt. De Tora kan pas volledig beleefd worden in een getrouwde setting. Bovendien wordt de bruidegom vergeleken met een koning, die eigenlijk een eigen Torarol voor zichzelf moet schrijven (Devariem 17:18). Daarom wordt men vlak voor de choepa opgeroepen voor de Tora om te laten zien, dat de Tora na het trouwen extra betekenis krijgt en extra diepgang.

De trouwdag
In de meeste kringen is het gebruikelijk dat bruid en bruidegom vasten van ‘s ochtends tot het moment van de choepa. Gedeeltelijk heeft dit vasten een verzoenend karakter omdat alle zonden vergeven worden. Ze beginnen weer met een schone lei, omdat men een nieuwe levensfase intreedt. De eerste zonde van de mensenkinderen was het eten van de Boom van kennis van goed en kwaad. Daar het nieuwe echtpaar vergeving van zonden wil, houden zij zich verre van eten. Bovendien is het een dag van inkeer en gebed. Bruid en bruidegom davvenen (bidden) dat toekomstige problemen hun relatie niet in gevaar zullen brengen. Door te vasten toont men dat men niet al teveel gebonden is aan het fysieke. Liefde is veel eerder een emotionele en intellectuele band dan een lichamelijke. Om dit te benadrukken onthoudt men zich van eten op de huwelijksdag. Door niet te eten is men in staat de geest te richten op de spirituele aspecten van het aanstaande huwelijk, hetgeen garantie geeft voor de duurzaamheid ervan. Bovendien herinnert de vastendag aan het vasten van de Joden, voordat zij verbonden werden met G’d. De liefde voor het Opperwezen was zo sterk dat de Joden niet eens aan eten konden denken vlak voor het geven van de Tora.

De Ketoeba
Vlak voor de choepa wordt de ketoeba geschreven, een contract waarin de man verklaart dat hij al zijn verplichtingen tegenover zijn vrouw volgens de Joodse wet zal nakomen. Daarin staat tevens de bruidsschat vermeld, het bedrag dat de man moet betalen in geval van echtscheiding of overlijden. De ketoeba wordt het eigendom van de vrouw. De ketoeba is een buffer tegen echtscheiding omdat de man meestal grote bedragen moet uitkeren wanneer hij van zijn vrouw weg wil. De ketoeba is bedoeld als een soort alimentatie die in één keer na het einde van het huwelijk wordt uitgekeerd. De ketoeba was dus de financiële zekerheid voor de vrouw. De ketoeba heeft ook een symbolische betekenis en wordt wel vergeleken met de Tora in de relatie tussen G’d en het Joodse volk.
Ook in de Tora staan de wederzijdse verplichtingen tussen het Opperwezen en Israël.

Het is tegenwoordig gebruikelijk om de ketoeba prachtig te laten illustreren en boven de haard in de huiskamer op te hangen. Maar dit is niet noodzakelijk, een simpele geschreven ketoeba voldoet ook.

Bedeckung
Begeleid door zijn ouders, de Rabbijn en andere hoogwaardigheidsbekleders gaat de chattan naar de kalla om haar gezicht met de sluier te bedekken. Sommigen zien dit als een uiting van ingetogenheid, omdat zij op deze dag in het middelpunt van de belangstelling staat. Anderen stellen, dat de chattan het gezicht van zijn kalla bedekt om aan te geven, dat hij niet primair geïnteresseerd is in haar fysieke schoonheid. Een derde mening gaat ervan uit, dat de bedeckung eigenlijk de choepa is, omdat het bedekken van de bruid met een kledingstuk een integraal onderdeel zou zijn van het huwelijksproces, mede omdat de man zijn vrouw moet kleden.

Fakkels en Hakafot
Licht is een symbool van simcha, vreugde. Bij de Verbondssluiting op de berg Sinaï was er bliksem en vuur (Bereesjiet 19:16,18). De getallenwaarde van lamp (neer) in het Hebreeuws is 250. Op weg naar de choepa worden meerdere lampen aangestoken, samen in waarde 2 keer 250 is 500. De man heeft 248 en de vrouw 252 ledematen. De eenheid tussen man en vrouw ligt in beide kandelaars aangeduid. Met deze kandelaars in de hand lopen de bruid, haar moeder en schoonmoeder, drie of zeven maal rond de bruidegom. De drie ronden (hakafot) symboliseren de drie Bijbelse verplichtingen van de man tegenover zijn vrouw. De zeven rondes symboliseren de zeven scheppingsdagen. Omdat in ieder huwelijk het scheppingsproces herhaald wordt, is dit onder de choepa zeker op zijn plaats. Daarna staat de bruid aan de rechterkant van de bruidegom. Gedurende de huwelijksplechtigheid zelf staan de aanwezigen uit eerbied voor het echtpaar. In de meeste gemeenschappen zijn de fakkels en hakafot niet langer onderdeel van de huwelijksceremonie.

De zeven berachot
De huwelijksplechtigheid bestaat uit drie onderdelen: de verloving (eroesien) waarbij 2 zegenspreuken (berachot) worden uitgesproken, het voorlezen van de ketoeba, de huwelijksakte en de nisoe’ien (het feitelijke trouwen) waarbij zeven berachot worden uitgesproken. De zeven berachot symboliseren de zeven zegeningen, die G’d aan Adam en Eva gaf voordat zij een eenheid werden. In de zeven zegenspreuken komt G’ds naam 14 keer voor, evenals dit het geval is in de Tien Geboden, die de basis vormen voor de civilisatie van de mensheid.

In de zin, die de chattan uitspreekt bij het overhandigen van de ring staan 32 letters, die de 32 paden van wijsheid  symboliseren. Tevens loopt dit parallel met de 32 keer, dat G’ds naam voorkomt in het Scheppingsverhaal. Het moge duidelijk zijn, dat al deze symboliek dient als aanzet om het leven op wijze en gewijde (kadosj) manier te delen.

©Dayan mr. drs. R. Evers 2013

Copyright © 2013 Jodendom Online
 
 
Contact Zoeken Noachieden Online Beheer
 
Copyright © 2021 Jodendom Online. Alle rechten voorbehouden.