4 Chesjwan 5781 | 22 October 2020
Artikelen
Jodendom in praktijk     Hasjkafa     Feest- en Gedenkdagen     Samenleving     Geschiedenis     Antisemitisme     IsraĆ«l     Media     Publicisten     
Wat in uw mond komt en er uit gaat
Publicatiedatum: Sunday 21 April 2013 Auteur: Dayan mr. drs. R. Evers | 922 keer gelezen
Voedsel en Kasjroet, Opperrabbijn R. Evers, Lasjon Hara [kwaadsprekerij], [Im]moraliteit »

Er zijn mensen die ontzettend precies zijn met wat ze in hun mond steken, maar niet zo precies zijn met wat er uit hun mond komt. De eerste groep let heel nauwkeurig op het kasjroet. De tweede groep let niet erg op lesjon hara (kwaadsprekerij).

Daarom volgt Tazria direct op parsjat Sjemini, waar de verboden diersoorten worden besproken: om duidelijk te maken, dat beide even belangrijk zijn.
Aan het einde van de vorige sidra staat dat we goed moeten onderscheiden tussen dat wat rein is tegenover bezoedeld voedsel. Meteen daarna begint de parsja van deze week met de geboorte van een kind en de besnijdenis.

Volgens Rabbi Mosje Feinstein is deze opeenvolging geen toeval. Als ouders er thuis voor zorgen dat er duidelijk onderscheid bestaat tussen goed en kwaad, puur en onzuiver, creëren zij een huiselijk klimaat dat bevorderlijk is voor spirituele groei en grootheid. Door een zuiver en puur thuisfront zorgt men ervoor dat de kinderen opgroeien in de juiste omgeving.

Verder worden de verschillende reinheidsvoorschriften en onreinheden uitvoerig beschreven: “Wanneer een vrouw kroost voortbrengt en een jongetje baart”. Rasjie vraagt zich af waarom de voorschriften van het `kasjroet van de mens’ (om het zo maar te noemen) worden behandeld na die van het kasjroet van de dieren.

Rabbi Simlai geeft daar antwoord op: “Net zoals de eerste mens pas gevormd werd nadat al het vee, wild en gevogelte geschapen was, zo worden ook de voorschriften over de mens pas na het vee, wild en gevogelte uiteengezet” (Vajikra Rabba 14).

Dit heeft ook een diepere betekenislaag. De mens werd eerst lichamelijk geschapen uit de aarde. Op dit niveau bestond er geen fundamenteel verschil tussen mens en dier.

Pas later gaf G’d de mens een Hemelse ziel, een vonkje G’ddelijkheid. Daardoor kwam de mens veel hoger te staan dan de dieren. Ons werd een nesjomme gegeven, om ons lichamelijke leven te perfectioneren. Het G’ddelijke in de ziel moet ervoor zorgen, dat het aardse verheven wordt. De natuur moet op een hoger niveau komen en een vehikel worden voor de religie.

Wanneer wij de G’ddelijke wil uitvoeren, `pakken’ we zowel deze wereld als de toekomstige wereld. Dat is wat de Midrasj ook zegt: “Als wij de verdienste van de Tora hebben, hebben we zowel deze wereld als de toekomstige wereld. Maar iemand die dat niet bezit, heeft beide werelden niet”. Vaak is men geneigd te denken, dat deze aardse wereld het rijk van de slechten is. Het hiernamaals wordt vaak gezien als het exclusieve domein van de tsaddikiem.

Veel mensen geloven dat ze met een miserabel leven in deze wereld automatisch recht hebben op een ongestoord toekomstig leven. Dit is onjuist. Volgens Rabbi Simcha Zissel van Kelm moet iemand die verbitterd of depressief op deze wereld ronddoolt, bang zijn voor zijn aandeel in de hemel. Deze wereld is de arena waar hogere spirituele doelen bereikt kunnen en moeten worden. Hier op aarde is de arena voor het gevecht tussen goed en kwaad. Hier verdient men zijn spirituele erfdeel in het hiernamaals.

Wat een kind bereikt is meestal afhankelijk van hoe de moeder zich gedraagt, spreekt en denkt. Haar normen en waarden worden overgenomen door haar kinderen (veel meer dan de vader zijn kinderen kan beïnvloeden). De Talmoed vertelt dat wanneer een kind in de buik is het de hele Tora leert. Maar wanneer het geboren wordt, vergeet het kind alles (B.T. Nidda 30b). Wat is het nut van Tora-onderwijs in de buik als alles `gedeleet’ wordt? Aan het einde van het achttiengebed smeken wij: “Geef ons ons deel in de Tora”. Iedereen heeft zijn eigen deel in de Tora. Het begint in de buik, zij het onbewust. Dit vormt de bron van inspiratie voor de rest van het leven. Zijn hele leven lang is hij bezig om dat deel van de Tora dat hem in de buik is bijgebracht, terug te krijgen. Het is als zoeken naar een verloren voorwerp. Het is een levenslange zoektocht. Maar wel de moeite waard!

©Dayan mr. drs. R. Evers 2013

Copyright © 2013 Jodendom Online
 
 
Contact Zoeken Noachieden Online Beheer
 
Copyright © 2020 Jodendom Online. Alle rechten voorbehouden.