19 Chesjwan 5782 | 25 oktober 2021
Artikelen
Jodendom in praktijk     Hasjkafa     Feest- en Gedenkdagen     Samenleving     Geschiedenis     Antisemitisme     Israël     Media     Publicisten     
Sjier hasjiriem, het Hooglied
Publicatiedatum: dinsdag 07 juni 2011 Auteur: Dayan mr. Drs. R. Evers | 2.536 keer gelezen
Opperrabbijn R. Evers, Huwelijk, Sjabbat, Ziel, gilgoel [reïncarnatie] en geweten, Sjier Hasjieriem/Hooglied »

De Tora vormt de ziel en het universum het lichaam
Bij de Schepping van de wereld deed G’d tien uitspraken waarmee het universum tot stand kwam. Volgens Rabbi Jitschak Meïr, de Gerer Rebbe en auteur van de Chisoesjee HaRim, was de functie van de tien plagen om de tien Scheppingsuitspraken te veranderen in de Tien Geboden.

Het verband tussen de ‘tientallen’ leert ons, dat ons begrip van het ontstaan van het universum een enorme invloed heeft op ons gedrag. Wanneer we geloven in een oermaterie en de evolutietheorie kan men niet aannemen, dat het leven een uiteindelijk doel heeft. De wereld is toevallig ontstaan als resultaat van een interactie van vele krachten die over een tijdsspanne van miljarden jaren langzamerhand alle levende wezens het aanzien heeft gegeven. Daarmee vervallen ook absolute morele criteria. Wetten zijn slechts het gevolg van afspraken tussen de mensen, die veranderd kunnen worden wanneer de maatschappij dit nodig acht.

Het verband tussen de ‘tientallen’ leert ons, dat ons begrip van het ontstaan van het universum een enorme invloed heeft op ons gedrag. Wanneer we geloven in een oermaterie en de evolutietheorie kan men niet aannemen, dat het leven een uiteindelijk doel heeft. De wereld is toevallig ontstaan als resultaat van een interactie van vele krachten die over een tijdsspanne van miljarden jaren langzamerhand alle levende wezens het aanzien heeft gegeven. Daarmee vervallen ook absolute morele criteria. Wetten zijn slechts het gevolg van afspraken tussen de mensen, die veranderd kunnen worden wanneer de maatschappij dit nodig acht.

De mens als hoogste autoriteit?
Deze atheïstische levensvisie is bijzonder ‘prettig’ omdat er geen hogere autoriteit bestaat dan de mens zelf. Maar volgens de Tora ontstond de wereld op uitspraak van G’d. Hasjeem gaf ons instructies voor het functioneren van een menselijke maatschappij onder een absolute morele wet. Het staat de mens niet vrij om deze wetten op te heffen of af te schaffen.

Geen automatische piloot
Vanaf de Schepping leek G’d de wereld – in moderne termen uitgedrukt – op de automatische piloot te besturen. De mensen vergaten hun hogere roeping. Maar met de tien plagen toonde G’d dat Hij achter het stuur zit. Met de jetsiat Mitsraim, de Exodus werd een volk geschapen, dat de partner zou worden van de Sjabbat. Hierdoor kunnen wij spreken van absolute ethische waarden zoals de Tien Geboden.

Aards en geestelijk verenigen
Het is onze taak om het fysieke en spirituele te verenigen en het fysieke aspect van ons bestaan te verheffen tot iets spiritueels: “Ware het niet voor Mijn verbond dag en nacht, dan zou ik de wetten van Hemel en aarde niet geschapen hebben” (Jeremia 33: 25). De Tora wordt een verbond genoemd. Zou het Joodse volk de Tora niet hebben geaccepteerd dan zou de wereld zoals wij die kennen niet in zijn huidige vorm hebben bestaan.

Ziel van de wereld
De Tora is de ziel van de wereld. Het universum leeft omdat de Tora het zijn spirituele vervulling geeft. Pas nadat de fysieke wereld gecreëerd was, wordt er gesproken van kedoesja en zegen: “En G’d zegende de zevende dag en heiligde die” (Genesis 2:3). Het woord vajechoeloe wordt in verband gebracht met het zelfstandig naamwoord klie, voorwerp of instrument. De fysieke wereld zou het vehikel voor de ziel worden. Ziel en lichaam zouden de instrumenten worden voor de uitvoering van G’ds Scheppingsplan.

De Tora is een verbond
De Tora wordt een verbond genoemd. Een verbond tussen twee partijen regelt hun relatie en definieert deze: “Want het is een teken tussen Mij en jullie om te weten, dat Ik G’d ben, die jullie heilig” (Exodus 31: 12-13). Erkenning van G’d als bron van kedoesja is essentieel voor het voortbestaan van het Joodse volk. Maar het weten van het hoe en het waarom van de Sjabbat is hierbij onmisbaar. Kennis is hierbij onmisbaar. Kennis en bewustzijn zijn de essentie waarin mens en dier verschillen. Alleen de mens is in staat om de tien scheppingsuitspraken te veranderen in de waarden en normen van een wereld, die in het teken staat van de Tien geboden.

Sjabbat voor de jamiem toviem
Sjabbat gaat vooraf aan de jamiem toviem, de feestdagen. Sjabbat heet `techila lemikra’ee kodesj’ – de inleiding op de heilige uitroepingen, de jamiem toviem.
De jamiem toviem zijn afhankelijk van de Joodse kalender en deze wordt vastgesteld door mensen. Sjabbat is daarentegen de zevende dag, die automatisch aanbreekt zonder menselijke bemoeienis. De mens werd niet alleen in staat gesteld om deze feestdagen te erkennen, te voelen en te houden maar ook om deze zelf vast te stellen en uit te roepen. Wij hebben die spirituele kracht van de Sjabbat nodig, die de brug vormt tussen kedoesja en het aardse.

Sjabbat eist kennis van G’ds plan met de wereld. Sjabbat stelt ons via haar kedoesja in staat om ons dit besef eigen te maken omdat wij op deze zevende dag van de week op een hoger niveau leven en functioneren.

Hoger niveau leven
Het is wellicht daarom dat wij Sjier hasjiriem op deze allerheiligste dag lezen. Alleen op Sjabbat hebben wij de geestelijke rust om ons in de verheven en onlichamelijke aspecten van dit Hooglied te verdiepen. Alleen wanneer wij omgeven zijn met de hoogste graad van wijding en kedoesja kunnen wij aanvoelen, dat Sjier hasjiriem het verlangen van onze nesjomme (ziel) naar een hogere vorm van leven en liefde weerspiegelt. Aardse liefde, tussen man en vrouw of tussen ouders en kinderen, is slechts een zwakke afspiegeling van de Hemelse liefde, die de basis vormt van al het geschapene.

 

©Dayan mr. Drs. R. Evers 2011

«      1   |   2   
Copyright © 2011 Jodendom Online
 
 
Contact Zoeken Noachieden Online Beheer
 
Copyright © 2021 Jodendom Online. Alle rechten voorbehouden.